Reptielen >> Baardagame 

Informatie over voeding en huisvesting van de baardagame

 

DE BAARDAGAME – Pogona vitticeps        


Huisvesting baardagame

Huisvest baardagamen in een warm, goed geventileerd en voldoende ruim terrarium dat over koelere en warmere delen beschikt.

Daarom is een woestijn-terrarium aan te bevelen. Het kan volledig uit glas bestaan of uit een houten bak met schuifruiten en mag hoog of plat zijn. Baardagamen klimmen wel als ze de gelegenheid krijgen. Ventilatie is vanzelfsprekend erg belangrijk. Ga minimaal uit van 150x60x50 cm (lxbxh) voor een groepje van een mannetje en twee of drie vrouwtjes. Jonge, nog niet volwassen dieren kunnen in een kleiner terrarium worden gehouden, bijvoorbeeld van 60x40x40 cm.


Temperatuur
Baardagamen komen uit een droog en heet klimaat (Australië). De gewenste temperatuur in hun terrarium ligt dus ook hoog: op de warmere plekken minimaal 30 graden Celsius. Hang deze spot echter niet in het midden: in een terrarium zijn warmere en koelere delen noodzakelijk.  Op de koelere plekken niet onder de  25 graden en niet boven de 29 graden Celsius.
Als een dier met zijn bek open zit in de koelste hoek van het terrarium is de temperatuur veel te hoog! De baardagaam probeert dan verkoeling te zoeken door zijn bek open te sperren.
Tijdens de winterrust kan de temperatuur worden teruggebracht tot 20-25 graden overdag en 15-18 graden 's nachts.


Altijd UV licht
Voor een terrarium van het bovengenoemde formaat is een spot van 60 watt en een tl-balk ofwel een uv-balk met warmtelamp voldoende. Er wordt overigens nogal eens gediscussieerd over wel of geen gebruik van ultraviolet licht. Wij zijn daar stellig over: gebruik altijd uv-lampen. Baardagamen zijn immers woestijndieren. Ultraviolet  licht, met name de uvB component, zorgt voor de vitamine D productie in de huid. Zorg wel steeds voor voldoende koelere gedeelten. U  dient de uv-lamp om het half jaar te vervangen. U kunt de uv opbrengst meten met een uv meter. Vaak wordt hiervoor een solarmeter 6.2 gebruikt. Er zijn diverse website's die hierover informatie geven.
www.solarmeter.nl
www.uvguide.co.uk

Bodembedekking
Voor wat betreft de te gebruiken bodembedekking, zijn de meningen verdeeld. Sommige houders zweren bij droog zilverzand. Dat kan door middel van een zeef gemakkelijk schoon worden gehouden en is goedkoop. Zelf bevelen wij çalci-zand' aan, een industrieel bijproduct dat ondanks de naam niet echt zand is  maar bestaat uit kleine bolletjes. Het is te koop bij terrariumspeciaalzaken. Fijn zand en houtsnippers kunnen nog wel eens verstoppingen veroorzaken!
Houd de bodembedekking schoon en verwijder geregeld de uitwerpselen. Baardagamen eten veel, produceren dus ook veel ontlasting en kunnen enige stankoverlast veroorzaken.


Inrichting
De inrichting van een goed baardagamenterrarium bestaat uit een grofkorrelige zandbodem met wat grote keien. De dieren hebben heel graag wat dichte struiken in het terrarium. Meestal is het natuurlijk niet mogelijk om een terrarium goed te beplanten, maar een paar dode struiken zonder blad voldoen ook prima en zijn heus niet lelijk. In de Australische natuur zijn struiken zelfs vaak dor. Meerdere schuilgelegenheden kunnen worden gemaakt van grote zware stenen. Zorg ervoor dat deze stenen niet kunnen gaan rollen en voorkom zo dat ze de dieren verpletteren. Een stuk holle boom of bamboe is ook een goede schuilplaats. Wat dikke takken zorgen voor de rest van de aankleding. Ze hebben behalve warmere en koelere plaatsen, ook lichtere en donkere plaatsen nodig.
In de zomer is het goed mogelijk om de dieren in een overdekt buitenterrarium of een klein kastje te houden. Zorg er wel voor dat het in een dergelijk verblijf niet te heet wordt en de dieren weg kunnen kruipen. In hun natuurlijke verspreidingsgebied kan de temperatuur gemakkelijk 40 graden Celsius bereiken maar de  baardagamen kunnen daar dan in een ondergronds hol kruipen om te grote hitte te vermijden.


Voeding
E en baardagaam is een alleseter die van groente, insecten en vlees houdt. Hou de voeding afwisselend en zorg voor voldoende vitamine en kalk.

De baardagaam eet groente (alles behalve kool en liever geen spinazie) en fruit (alles), maar ook insecten en kleine zoogdieren zoals muisjes en babyratjes. Als ze volwassen zijn eten ze, in de natuur, zelfs vogeltjes. In terraria is het daarom beter om ze 2 x per week babymuisjes of -ratjes te geven.
De dieren eten buffalowormen, meel- en moriowormen ook eten zij graag krekels, sprinkhanen, wasmotlarven, rozenkeverlarven.

Het groente en fruit kan iedere dag gegeven worden. Het groente en fruit wel klein gesneden en het voermengsel 1 à 2  dagen per week bepoederen met een vitamine/mineralenpoeder (bijv. gistocal of vitatotaal).
Ook eten zij graag paardenbloemen, zowel de bloem als de bladeren.
Hoe verser het voedsel, des te hoger de vitaminewaarde.

1 à 2 maal per week een nestmuisje of babyratje (pinky) is aan te bevelen. De skeletten van deze diertjes zijn rijk aan calcium. Een baardagame vrouwtje die eieren legt  heeft deze extra calcium nodig.
I.p.v. Babymuisjes of -ratjes kunt u ook geweekte kattenbrokjes of kattenblikvoer geven.
De krekels en kevers kunt u 2 maal per week voeren.
Meelwormen, wasmotten , 2 maal per week.
Het is verstandig om overgebleven (die dus niet zijn opgegeten) voedseldieren uit het terrarium te verwijderen. Zij kunnen stress veroorzaken bij (jonge) baardagamen.

Let op met het teveel voeren van krekels, sprinkhanen en meelwormen; zij kunnen dan de maag beschadigen en een verstopping veroorzaken!

Ook de voedseldieren die u voert moet u bepoederen met kalkpoeder, dit kunt u doen door de voedseldieren die u wilt gaan voeren in een plastic zak te doen samen met het poeder. Hou de zak van boven dicht en schud dan zachtjes, tot het poeder op de voedseldieren zit.

2 Maal per week het voer met een vitaminen/mineralenmengsel bepoederen en 2 maal per week het voer aanvullen met kalkpoeder is genoeg. Door te vaak (dagelijks) het vitaminen/mineralenpreparaat aan te bieden kan een overdosering van vitamine A ontstaan.

Ook de voedseldieren, die nog niet gevoerd worden hebben voedsel en vocht nodig. Zij kunnen fruit en wat groente krijgen voor het vocht (met kalkpoeder) en bijv. konijnenvoer of eivoer. Ook zijn er kant en klare voedselpreparaten te koop bij de dierenarts en dierenspeciaalzaak.


Zorg ook iedere dag (of meerdere keren per dag) voor vers drinkwater in een laag bakje waar ze ook door kunnen lopen en in kunnen gaan liggen baden, dit is goed voor hun spijsvertering en voorkomt zo verstopping.

 

Voeding voor jonge dieren
Het voedsel voor volwassen baardagamen en dat voor de jonge dieren kan feitelijk hetzelfde zijn. Alleen het formaat en de hoeveelheid verschillen: let erop dat de voedseldieren voor de jonge dieren ook echt klein zijn (bijv. hele jonge sprinkhanen of krekeltjes, babykakkerlakken en buffalowormpjes., en de groente en het fruit ook echt heel klein zijn gesneden.
Het voedsel (ook de insecten) mag nooit groter zijn dan de nek van de jonge baardagaam.
Het drinken moet ze aangeleerd worden. De gemakkelijkste manier is om ze een aantal keren per dag te besproeien met een plantenspuit, net zolang tot ze het geleerd hebben.
Baardagamen houden van een bad en van zwemmen. Helaas verdrinken ze nog wel eens, vooral de jonge dieren, omdat ze het waterbakje niet meer uit kunnen. Zet daarom, zeker bij pasgeboren diertjes, schaaltjes water met max. 5 mm water neer.

Voedselconcurrentie kan zich, zeker bij grotere groepen baardagamen, voordoen. Voer de jonge diertjes individueel de muisjes en ratjes met een pincet, anders verdringen  ze elkaar. Zet bij grotere groepen volwassen dieren schalen met voldoende ratjes en muisjes neer zodat iedereen zijn deel kan krijgen en kan eten tot hij verzadigd is.
Baaragamen eten alles wat ze 'voor de bek komt'. Dat betekent dat ze ook wel eens een staart of een pootje van een ander dier 'meenemen'. Zorg dus dat er voldoende voedsel voor alle dieren, vooral groenvoer, maar zorg er tevens voor dat ze niet te vet worden.
Een kwestie van maatvoering en goed opletten dus!

Informatie is op basis van eigen inzicht en ervaring én van de volgende sites.
Bron: stichting Sauria en www.podarcis.nl

Rosan Oostendorp, paraveterinair en Jan Bos, dierendoc

Laatste aanpassingen 5-07-2011
© 2018 Dierendoc info@dierendoc.nl