Fretten 

Fretten

 


• Huisvesting/verzorging
• Vaccinatie op maat
• De juiste voeding
• Parasieten
• Een nestje
• De jonge pups
• Het gebit

 

  Huisvesting/verzorging
Een fret moet gehuisvest worden in een ruimte waar daglicht binnen kan komen. Omdat fretten ware ontsnappingskunstenaars zijn moet het hok tevens zo zijn gebouwd dat de fretten er niet uit kunnen ontsnappen. Het hok moet verder zo zijn ingericht dat verwonding en vergiftigingen door de gebruikte materialen voorkomen wordt. 

De vloer van het verblijf mag leeg blijven, maar wel moeten er iets van zachte lappen in de kooi aanwezig zijn omdat de fretten hier het liefst in slapen. Ook een oude trui of een speciale fretten hangmat of frettentunnel zijn over het algemeen zeer geliefd als slaapplaats.
Verder is het voor de fretten wel zo prettig als zij tenminste door 1 wand naar buiten kunnen kijken.

Te hoge of te lage temperaturen in de kooi moeten vermeden worden en ook moet er voldoende ventilatie zijn (wat niet betekent dat de kooi op de tocht gezet kan worden!!)

Een eventueel buitenverblijf moet voorzien zijn van schaduwplaatsen en beschikken over een droog, tocht- en vorstvrij nachthok.

Verder moet elke frettenkooi voorzien zijn van een "frettentoilet". Deze "kattenbak voor fretten" kan gevuld worden met kattengrit dat niet stuift en geen klonten vormt. Het is verstandig het frettentoilet stevig te bevestigen omdat hij anders door nieuwsgierige fretten door de hele kooi verschoven of zelfs omgekiept wordt!
Het frettentoilet dient elke dag schoongeschept te worden en 1 keer per week moet u het helemaal afwassen en vullen met nieuw kattengrit. Om al te veel gegraaf tegen te gaan kunt u een klein beetje van het oude (vieze) grit door het nieuwe mengen.

Tot slot mogen natuurlijk ook de voerbak, de drinkfles en speeltjes niet ontbreken in een frettenkooi. 



  Vaccinatie op maat
Fretten zijn zeer gevoelig voor het virus dat hondenziekte veroorzaakt. Zij zijn zelfs gevoeliger dan honden! Het is dus van belang uw fret tegen deze ziekte te beschermen door middel van een vaccinatie. Niet alle vaccins zijn geschikt om aan een fret te geven: van sommige vaccins kunnen fretten zelfs ziek worden. Het vaccin dat wij gebruiken is Nobivac Puppy DP. Dit vaccin is veilig om bij de fret te gebruiken en geeft een goede immuniteit.

Het vaccinatieschema voor de fret ziet er als volgt uit:

 
9 weken
13 weken
Jaarlijks
Hondenziekte
x
x
x
RabiesVerplicht indien uw fret naar het buitenland gaat



Tijdens de vaccinatie wordt uw fret nagekeken van neus tot staart.
We kijken onder andere naar:



Naar het buitenland met uw fret: denk dan aan het volgende
Als uw fret meegaat naar het buitenland is een rabiesvaccinatie verplicht. Ook een chip (of tatoeage) en een officieel Europees dierenpaspoort zijn verplicht.
Let op: de rabiesvaccinatie moet vaak minimaal 1 maand voor vertrek worden toegediend!.
Daarnaast hebben sommige landen (oa Engeland, Noorwegen, Zweden) nog aanvullende eisen, zoals bloedonderzoek, ontworming of een teken behandeling.
Voor Zwitserland is een gezondheidsverklaring vereist die niet ouder is dan 30 dagen.
U kunt de meest actuele eisen lijst op de KNMvD site vinden. Kijk bij "Invoereisen hond/kat/fret".
De KNMvD is de beroepsorganisatie van dierenartsen.



  De juiste voeding
De fret is een roofdier en niet zoals veel mensen denken een knaagdier. Fretten zijn carnivoren (vleeseters) en hebben daarom een eiwitrijk diëet nodig. Fretten hebben een relatief kort maagdarmkanaal waardoor het voedsel maar korte tijd in het maagdarmkanaal verblijft: in 3 uur tijd is het voedsel al van de bek naar de anus verplaatst. Het darmkanaal van een fret is daardoor veel minder efficiënt in de opname van voedingsstoffen dan dat van bijvoorbeeld een kat of hond.

Fretten hebben daarom voedsel nodig met veel dierlijke eiwitten en met een goede verteerbaarheid. Dit is ook de reden dat hondenvoer niet geschikt is om aan een fret te voeren: honden zijn alleseters en hondenvoer bevat een hoog gehalte aan plantaardige eiwitten die een fret niet verteren kan.
Katten zijn net als de fret carnivoren en kattenvoer bevat dan ook een veel hoger gehalte aan dierlijke eiwitten dan hondenvoer. Toch kun je ook niet alle soorten kattenvoer aan je fret geven omdat ook dan tekorten aan bepaalde essentiële voedingsstoffen kunnen ontstaan. Als je fret niet de juiste voeding krijgt dan zie je dit terug aan de conditie van de fret: de algemene conditie is slechter, de huid gaat ruiken, de vacht is slecht en de ontlasting is slecht.

Welk voer is nu wel goed voor een fret?
Kort samengevat: fretten hebben een voeding nodig met hoog eiwit- en vetgehalte van dierlijke oorsprong en een zo laag mogelijk koolhydraat- en vezelgehalte. Dit maakt dat zelfs niet alle speciale frettenvoeders daadwerkelijk geschikt zijn om aan een fret te voeren!!! De hieronderstaande voeders zijn wel geschikt om aan en een fret te voeren en het zijn voeders waar wij goede ervaringen mee hebben:

 

Frettenvoer:

 

Kattenvoer:


Als je je fret af en toe wil verwennen mag je hem of haar best tussendoor iets geven. Het beste is om de fret dan een vleesproduct te geven, bijvoorbeeld: kleine stukjes gekookt of gebakken vlees, stukjes gekookt ei of kattensnoepjes gemaakt van een vleesproduct.

Water
Fretten dienen de hele dag over vers drinkwater te beschikken. In verband met hygiëne kan dit het beste in een drinkfles worden gegeven. Alternatief is een stevig los drinkbakje, maar het nadeel hiervan is dat het omgegooid of bevuild kan worden. Denk eraan dat brokjes weinig water bevatten en de fret dus veel moet drinken om het vochtgehalte op peil te houden. Zorg dus steeds voor een ruime hoeveelheid vers water.

Voeding om aan te sterken

Zieke fretten hebben nog wel eens de gewoonte om niet of slecht te eten, zeker de droge, harde brokjes zijn dan niet gewild. Zieke en verzwakte fretten hebben echter een hoogwaardig, voedzaam voer nodig om aan te sterken. Wij raden dan aan om een mengsel van AD blik van Hill's, met Hill's kittenblikvoer te geven. Dit kun je pureren en dan als een papje geven. De fret likt dit op of kan met een spuitje gedwangvoederd worden. Daarbij geven we nutrigel. Het papje is ook geschikt voor pups en hun moeder.

Veranderen van voer
Een te plotselinge verandering van voer kan diarree klachten geven. Nieuw voer moet geleidelijk over een periode van minstens twee weken worden geïntroduceerd. Meng het oude voer met het nieuwe voer gedurende die periode. De diarree die door voerwisseling kan ontstaan herstelt zich meestal in een paar dagen. Is dit niet het geval, neem dan contact met ons op.



  Parasieten

Wormen:
Wormen komen niet zo vaak voor als bij de hond en de kat, echter fretten kunnen wel besmet worden met bijvoorbeeld spoel- of lintwormen. Er bestaan diverse middelen om deze wormen effectief te bestrijden.

Vlooien:
Vlooien komen geregeld voor. Gelukkig kunnen ze met de huidige vlooienmiddelen die bij de dierenarts verkrijgbaar zijn veilig worden aangepakt. Wij adviseren Stronghold met de werkzame stof selamectine. Dit is het breedst werkende en veiligste vlooienmiddel dat er is. De hoeveelheid Stronghold wordt al naar gelang het gewicht gegeven. Voor fretten kleiner dan 800 gram geven we minder dan een volledige pipet.

Oormijt:
De oren van een fret zijn heel vaak geïnfecteerd met oormijt. De oormijt veroorzaakt ontsteking en irritatie van de gehoorgang. Fretten krabben niet zoveel als honden en katten. De infectie kan jaren aanwezig zijn zonder dat de fret er erg veel last van heeft.

In de oorschelp is een zwartbruine prut zichtbaar. De mijten zijn met behulp van een oorkijker goed te zien en eventueel onder een microscoop nog beter zichtbaar te maken. De oren kunnen het beste behandeld worden met een Stronghold behandeling.

Gebruik absoluut geen oorpreparaten met lindaan erin: de fret is hier heel gevoelig voor en kan middenoorontstekingen krijgen. De fret kan een scheve kop krijgen en ze kunnen er erg ziek van worden.



  Een nestje
Als je besluit te gaan fokken met je fret, moet je haar tijdens de zwangerschap onbeperkt eten geven omdat ze dan dubbel zoveel bouwstoffen nodig heeft. De fret zal eten zoveel als ze nodig heeft. Als ze eenmaal heeft geworpen, heeft ze tijdens de zoogperiode bijna drie keer zo veel eten nodig als normaal.

Vanaf 2 weken na het begin van de zwelling van het geslachtsdeel bij het vrouwtje kan men haar laten dekken.

De drachtigheidsduur is 41-44 dagen met een gemiddelde van 42 dagen. Vanaf 3-4 dagen na de paring wordt het vrouwelijke geslachtsdeel kleiner. Dit betekent dat er een eisprong heeft plaats gevonden. Blijft het geslachtsdeel groot dan kan het vrouwtje opnieuw gedekt worden want dan is de dekking mislukt.

Na 2 weken kan door het voorzichtig voelen in de buik worden vastgesteld of het fretje drachtig is. Vanaf 4 weken is het nog beter te voelen.

Als een vrouwtje gedekt wordt en er heeft een eisprong plaatsgevonden maar de bevruchting is niet gelukt, dan wordt het vrouwtje schijndrachtig. Deze schijndracht duurt net als een gewone dracht 42 dagen. Aan het einde van deze schijndracht willen deze vrouwtjes, gevolg gevend aan hun moederinstinct, andere fretten naar hun nest slepen. Dat kan tot vechten of irritatie leiden.
De melkklieren kunnen zich ook volledig ontwikkeld hebben. Zodanig zelfs, dat een vrouwtje jongen kan gaan verzorgen. Meestal worden ze na een paar weken weer loops.

Zet een drachtig vrouwtje ruim voor de partus (minstens 1 week) apart. De bevalling verloopt meestal probleemloos. Zorg wel voor voldoende rust. De aanwezigheid van de eigenaar wordt tijdens de partus vaak wel op prijs gesteld.

Gemiddeld worden 8 (5-13) jongen geboren. De jongen worden pups genoemd.



De jonge pups
Kom niet in de verleiding om in de eerste week de jonkies aan te raken, want dan kan de moeder ze verstoten.

Pasgeboren fretten zijn vrijwel naakt met enkele haartjes. De pups wegen 8-10 gram.. Direct na de geboorte is het verschil tussen mannetjes en vrouwtjes al duidelijk. De afstand van de geslachtsopening tot de anus is bij mannetjes veel groter dan bij de vrouwtjes.

De ogen en oren gaan rond de 28e dag pas open. De melkhoektandjes komen door op 2 weken. De blijvende hoektanden komen al door als de melkhoektandjes nog aanwezig zijn. Dit is op 47-52 dagen leeftijd.

Vanaf 3-4 weken leeftijd kunt u de pups gaan bijvoeren. Geef blikvoer voor kittens van Hill's waar je ad van Hill's doorheen mengt. Dit kun je pureren en als een papje geven.

De pups kunnen op een leeftijd van 8 weken worden gespeend. Dit betekent dat ze geen moedermelk meer nodig hebben en dus naar een nieuwe eigenaar kunnen gaan. Laat ze op 9-10 weken vaccineren. Op 13-14 weken moet deze vaccinatie herhaald worden.



  Gebit
Tandsteen
Tandsteen komt veel voor bij oudere fretten. Soms is het slijmvlies bij de kiezen en tanden erg rood en ontstoken. Bij aanraking van dit ontstoken tandslijmvlies zal de fret door de pijnreactie de kop terug trekken en het slijmvlies kan gemakkelijk gaan bloeden. Met een tandsteen behandeling onder verdoving zijn de tanden en kiezen makkelijk schoon te maken.

Afgebroken haaktanden
De hoektanden van een fret kunnen gemakkelijk breken. Vooral de bovenste hoektanden breken gemakkelijk af als de fret bijvoorbeeld in een kooi op de tralies bijt. Wanneer het binnenste van de hoektand (= wortelkanaal) bloot komt te liggen kan dit pijnlijk zijn en leiden tot een verminderde eetlust. In dat geval kan deze afgebroken haaktand beter worden getrokken of gevuld worden met behulp van een wortelkanaalbehandeling. De voorkeur gaat uit naar de wortelkanaalbehandeling aangezien de haaktanden belangrijk zijn voor het binnenhouden van de tong! Een fret heeft daarnaast ook meer moeite met eten als hij de hoektanden mist.

  Ziektes
Kale staart bij een fret. Bij fretten komt het af en toe voor dat er een kale staart ontstaat.

Een insulinoom is een verrassend veel voorkomende tumor bij fretten. Het komt vooral voor bij oudere fretten maar kan al vanaf de leeftijd van 3 jaar.

Omdat een vrouwtje pas een eisprong heeft nadat ze gedekt is zal ze gedurende een aantal maanden loops blijven (van maart-augustus). Ze staat hierdoor langere tijd onder invloed van vrouwelijke hormonen. Hierdoor kan er beenmergdepressie ontstaan.





Laatste aanpassingen 14-04-2011
© 2018 Dierendoc info@dierendoc.nl